Mondiaal Handvest voor het Recht op Sociale Bescherming. Voor iedereen, door iedereen

Wij, progressieve sociale bewegingen, zijn bezorgd om de toenemende sociale problemen van mensen in de hele wereld, met oorlog, vernietiging van het leefmilieu en klimaatverandering, groeiende ongelijkheid en aanhoudende armoede, economische crises, een soberheidsbeleid, meer en meer autoritaire regimes, uitholling van de mensenrechten, discriminatie en onverdraagzaamheid. Wij pleiten voor de invoering van een universele sociale bescherming als instrument voor vrede en sociale rechtvaardigheid.

We herinneren aan de oude waarheid dat vrede niet mogelijk is zonder sociale rechtvaardigheid, zoals al werd vermeld in de Stichtingsakte van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) in 1919, precies honderd jaar geleden.

We herinneren er aan dat de internationale gemeenschap een belangrijk pakket van rechten heeft goedgekeurd, zoals een Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens, twee internationale verdragen voor politieke en burgerrechten, enerzijds, en voor economische, sociale en culturele rechten, anderzijds, met inbegrip van een recht op een gepaste levensstandaard. Andere juridische instrumenten behandelen de specifieke rechten van kinderen, vrouwen en inheemse volken, zowel als het recht op ontwikkeling. Deze rechten zijn universeel, ondeelbaar en onvervreemdbaar.

We herinneren er verder aan dat veel van deze rechten ook zijn opgenomen in regionale handvesten, conventies en verklaringen. De IAO heeft een aantal conventies, aanbevelingen en verklaringen goedgekeurd over specifieke economische en sociale rechten, meer in het bijzonder een Conventie over de minimumnormen voor sociale zekerheid in 1952, een programma voor decent werk, een aantal fundamentele arbeidsnormen, een Verklaring over Sociale Rechtvaardigheid en een aanbeveling over ‘sokkels’ voor sociale bescherming in 2012.

We herinneren er tenslotte aan dat de Verenigde Naties in tal van wereldconferenties en onlangs in het programma voor Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van 2015 eveneens wijzen op het noodzakelijk recht op sociale bescherming en de vermindering van de ongelijkheid, de sociale rechten van mensen en de band met milieurechten en -beleid.

We gaan ervan uit dat sociale bescherming verantwoord wordt door een dwingende noodzaak aan sociale rechtvaardigheid, gericht op duurzame menselijke ontwikkeling en veiligheid, waardoor alle mensen een kans hebben op een waardig leven.

Wij menen dat sociale bescherming bestaat uit een aantal maatregelen gericht op het verzoenen van politieke en burgerrechten enerzijds, op basis van gelijkheid, met economisch en sociaal burgerschap anderzijds, op basis van de gelijke waarde van alle mensen.

Wij menen dat sociale bescherming intrinsiek verbonden is aan een maatschappelijk proces van structurele sociale solidariteit en geen concept van liefdadigheid is.

Wij menen dat sociale bescherming een zeer breed concept is dat verder gaat dan armoedevermindering, sociale zekerheid en sociale bijstand. Ze is gericht op het uitroeien en voorkomen van armoede, het verminderen van de ongelijkheid en het veilig stellen van een waardige levensstandaard voor iedereen.

Wij gaan ervan uit dat sociale bescherming deel uitmaakt van een reproductieproces dat niet kan losgekoppeld worden van het productieproces en dat beide gericht moeten zijn op de duurzaamheid van het leven. Dit betekent dat de diverse bestanddelen van sociale bescherming niet kunnen losgekoppeld worden van de economische activiteiten in hun ruimste betekenis.

Wij gaan er derhalve van uit dat sociale bescherming moet bestaan uit materiële en immateriële elementen, uitkeringen en indien nodig steun in natura, sociale diensten en milieuhulpbronnen, zowel als productiefactoren.

Wij gaan er tevens van uit dat sommige onderdelen van sociale bescherming meteen kunnen verwezenlijkt worden, terwijl andere onderdelen geleidelijk aan in functie van de beschikbare middelen kunnen ingevoerd worden.

Wij menen dat sociale bescherming een belangrijke verantwoordelijkheid is van de Staten, met sommige bevoegdheden die kunnen overgenomen worden door subnationale overheden en sociale organisaties. De internationale solidariteit kan eveneens een belangrijke bijdrage leveren. Internationale financiële organisaties moeten daarom rekening houden met de noodzakelijke middelen voor sociaal beleid en moeten verantwoording afleggen bij alle regeringen die leningen aangaan.

Wij menen ook dat sociale bescherming slechts echt aan de behoeften van de bevolking kan voldoen als ze tot stand komt op een participatieve en democratische manier door burgers bij haar ontwikkeling te betrekken en rekening te houden met de diversiteit van hun middelen en behoeften als eerste voorwaarde voor menselijke ontwikkeling.

Wij betreuren dat op de dag van vandaag slechts 29 % van de wereldbevolking toegang heeft tot een omvattend systeem van sociale zekerheid.

Wij betreuren dat de neoliberale mondialisering landen heeft gedwongen in een neerwaartse spiraal, door mensen te ontheemden en het leefmilieu te vernielen, door de begrotingsmiddelen te beperken, de arbeidsmarkt te dereguleren, de belastingen te verminderen en te snoeien in de sociale  uitgaven.

Wij betreuren dat de huidige economische en schuldencrisis, gevolgd en verergerd door een soberheidsbeleid en autoritaire regimes die de economische en sociale rechten wereldwijd hebben ondermijnd, terwijl de populistische regimes het emancipatorisch potentieel van sociale bescherming onderuit halen.

Wij betreuren dat de arbeidsmarkt een negatieve ontwikkeling kent met meer en meer informeel en precair werk, wat leidt tot een grotere kwetsbaarheid van mensen.

Wij betreuren dat de verzorgingsstaten van sommige landen zich niet voldoende hebben aangepast aan de fundamentele veranderingen van de afgelopen decennia, in het bijzonder de voorbije en toekomstige technologische veranderingen.

Wij stellen dat de huidige en toekomstige technologische ontwikkelingen grote gevolgen zullen hebben voor de arbeidsmarkt en dat daar moet op ingegaan worden met maatregelen van sociale bescherming teneinde hun een positieve dimensie te geven met toegang voor iedereen tot sociale bescherming.

Wij verwelkomen de recente initiatieven voor sociale bescherming, zoals de IAO Aanbeveling voor sokkels van sociale bescherming en de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van de V.N.. Wij beklemtonen dat deze effectief in de praktijk moeten gebracht worden.

Wij gaan derhalve akkoord met de stelling dat het recht van alle volken, overal ter wereld, op een universele en omvattende sociale bescherming, gebaseerd moet zijn op volgende principes:

 

  1. Sociale bescherming moet berusten op rechten en solidariteit, verankerd zijn in nationale wetgeving en beschouwd worden als een eerste verantwoordelijkheid voor de overheid.

 

  1. Sociale bescherming kan geen winst nastreven.

 

  1. De Staten moeten een omvattend systeem van sociale bescherming garanderen door middel van duurzame en op solidariteit gebaseerde financiering, rechtvaardige sociale bijdragen, billijke en progressieve belastingen en mechanismen van internationale solidariteit.

 

  1. De mechanismen van sociale bescherming moeten zo homogeen als mogelijk zijn en moeten tijdens de hele levenscyclus toegankelijk zijn voor alle burgers en inwoners, los van status op de arbeidsmarkt, ook al kunnen uitkeringen, rechten en verplichtingen verschillen naargelang van de nationale context, akkoorden en sectoren.

 

  1. De mechanismen van sociale bescherming moeten minimaal de normen van IAO Conventie 102 van 1952 respecteren, dit is met inbegrip van ziekteverzekering, gezondheidszorg en ziekte-uitkeringen, werkloosheidsvergoedingen, verzekering tegen arbeidsongevallen, pensioenen en gezins- en kindertoelagen, invaliditeitsuitkeringen en overlevingspensioenen.

 

  1. De mechanismen voor sociale bescherming moeten eveneens bestaan uit een aantal sociale diensten die op nationaal niveau moeten bepaald worden, met minimaal een recht op water, onderwijs (tot tertiair niveau), openbaar vervoer, energie en communicatie, huisvesting en beroepsopleiding.

 

  1. De Staten moeten het programma voor decent werk van de IAO aannemen, zowel als de fundamentele arbeidsnormen met in het bijzonder het recht op vereniging en op collectieve onderhandelingen, sociale dialoog, het uitbannen van de ergste vormen van kinderarbeid, gedwongen en onvrije arbeid.

 

  1. Staten moeten de toepassing van bestaande regels van minimumlonen garanderen en, indien onbestaand, in overleg met de sociale partners minimum lonen die een gepaste levensstandaard garanderen invoeren voor alle werknemers.

 

  1. Staten moeten gepaste maatregelen voor sociale bijstand invoeren om te vermijden dat mensen arm worden.

 

  1. Staten moeten de noodzakelijke maatregelen nemen om de gender kloof in arbeidsmarktparticipatie, status en verloning weg te werken.

 

  1. Staten moeten pensioenstelsels en andere uitkeringen invoeren die niet op bijdragen berusten voor al diegenen die niet op de arbeidsmarkt aanwezig kunnen zijn.

 

  1. Staten moeten de noodzakelijk maatregelen nemen om alle discriminatie weg te werken op basis van geslacht, ras, etniciteit, nationaliteit, religie of seksuele geaardheid.

 

  1. Staten moeten de noodzakelijke maatregelen nemen om sociale dumping te vermijden en informeel en precair werk te beperken, conform IAO richtlijn 204, met duidelijke regels voor de nieuwe ‘collaboratieve’ economie en de (schijn)zelfstandigen, met nieuwe definities voor ‘werk’, ‘baan’, ‘zelfstandige’ en huishoudelijk werk. Er moeten gepaste systemen voor arbeidsinspectie worden ingevoerd en rekening gehouden worden met nieuwe technologieën.

 

  1. Staten moeten de noodzakelijke maatregelen nemen om iedereen een gepaste levensstandaard te garanderen, met inbegrip van de bescherming van de gemeenschappelijke goederen en het recht op land voor de boeren.

 

  1. Staten moeten de noodzakelijke maatregelen nemen om sociale bescherming en het arbeidsrecht van alle migranten te garanderen. Tijdens een humanitaire crisis moeten de Staten intern ontheemde volken en vluchtelingen bijstaan, en veilige reisroutes voor vluchtelingen en arbeidsmigranten garanderen, met een permanent respect voor alle mensenrechten.

 

  1. In de ontwikkeling van hun sociale beschermingsmechanismen moeten Staten de representatieve sociale partners en het middenveld volwaardig betrekken, zodat ze de afgesproken regels als de hunne kunnen beschouwen; sociale partners en burgers moeten volwaardig, structureel en effectief betrokken worden bij de opstelling, de uitvoering en de controle van de systemen. De sociale beschermingsmechanismen van sociale organisaties moeten worden gesteund en zo ver als mogelijk worden geïntegreerd in de universele systemen zonder door een formaliseringsproces te worden ondermijnd.

 

  1. Om een democratische burgerparticipatie mogelijk te maken moeten Staten en sociale bewegingen politieke vorming en opleiding op nationaal en lokaal niveau organiseren, zodat mensen bewust zijn van hun rechten, van de mechanismen waarmee ze hun rechten kunnen afdwingen en van de manier waarop sociale bescherming is georganiseerd en gefinancierd.

 

  1. Staten moeten de financiering van hun sociale bescherming zo organiseren dat alle inkomenscategorieën op een rechtvaardige en billijke manier bijdragen, waarbij de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen.

 

  1. In hun internationale handel, investerings- en andere akkoorden moeten de Staten bindende regels invoeren inzake mensenrechten, milieu en arbeidsrecht en rechtvaardige en progressieve belastingen. Een bindend verdrag op mondiaal niveau moet ervoor zorgen dat de internationale financiële organisaties en multinationale bedrijven de mensenrechten respecteren.

 

  1. De Staten moeten hun sociale beschermingsmechanismen zo organiseren dat ze tot sociale en economische verandering leiden, tot rechtvaardige en duurzame samenlevingen met instandhouding van mens en natuur.

 

Wij roepen de middenveldorganisaties op om deze tekst als een referentie te gebruiken wanneer zij hun campagnes voor universele sociale bescherming, voor allen en door allen, organiseren.

Wij roepen de parlementsleden wereldwijd op om wetgeving uit te vaardigen voor een universele, omvattende en effectieve sociale bescherming. Wij vragen hen ook om toe te zien op de uitvoering van sociale beschermingsprogramma’s door de regeringen, en meer in het bijzonder toezicht te houden op middelen en begrotingen.

Wij vragen de regeringen om dit Handvest als richtsnoer te gebruiken voor hun sociaal beleid en alle politieke en financiële initiatieven te steunen die gericht zijn op de verwezenlijking van de doelstellingen van dit handvest.

 

Ik heb dit Mondiaal Handvest voor het Recht op Sociale Bescherming gelezen en wens dit initiatief te steunen. Deze steun betekent geen akkoord met alle gedetailleerde punten van de twintig principes die in een nationale of lokale context moeten toegepast worden, aansluitend bij de behoeften van de mensen, maar wel een verbintenis om te werken aan sociale commons op een democratische en participatieve manier teneinde bij te dragen tot sociale rechtvaardigheid en sociale verandering.

 

Naam:                                                  Organisatie:                                                 e-mail:

 

 

www.globalsocialprotectioncharter.eu